Deze website wordt u aangeboden door Adri van Kooten, keurmeester gras- en grote parkieten bij de NBvV

Menu

Bij favorieten plaatsen!

Home

Port Lincolnparkiet  (Barnardius zonarius zonarius)

 
 

Kooi- en volièrevogels (ca. 300)
Broedconditie en broedproces
Fotogalerijen
Vogelziekten
Medicijnen
Kweekproblemen
Ziekenkooi
Vogeldierenartsen
Voeding
Bouw en inrichting volière
Tips van vogelliefhebbers
Vogels - koude volière
Vogels - warme volière
Downloads Port Lincolnparkiet

De Port Lincolnparkiet behoort tot het geslacht barnardius en ontleend zijn wetenschappelijke naam, barnardius zonarius aan de bekende ornitholoog Edward Barnard en aan het Latijnse woord zonarius dat gebandeerd betekent. De eerste kweekresultaten in gevangenschap werden in 1879 door de heer Kohler uit Weissenfels, Duitsland behaald. In België lukte dat in 1881 bij M. De celle de Sprimont.

De ondersoort barnardius zonarius semitorquatus (Twenty-eightparkiet) werd voor het eerst in 1830 als psittacus semitorquatus beschreven door Quoy en Gaimard. In 1881 werd de Twenty-eightparkiet voor het eerst in gevangenschap gekweekt.

Kleurplaten
Vogelanimaties
Vogelmarkten
Vogelparken
Richtprijzen vogels
Vogelgeluiden
Vogelboeken
Erfelijkheidsleer vogels
Links naar vogelwebsites
Europese cultuurvogels
Papegaai als huisdier - index
Vogelwereld Curaçao
www.papegaaien.net
 
 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ondersoorten

Bij de Port Lincolnparkiet worden de volgende ondersoorten onderscheiden:

  • Barnardius zonarius zonarius - Port Lincolnparkiet

  • Barnardius zonarius occidentalis - Bleke Port Lincolnparkiet

  • Barnardius zonarius semitorquatus - Twenty-eightparkiet

Uiterlijke kenmerken en geslachtsonderscheid

Port Lincolnparkiet - Barnardius z.zonarius

Formaat 38 cm.

Man en pop lijken op elkaar. De Port Lincolnparkiet is overwegend groen van kleur. De kop is matzwart, de wangen en de hals zijn blauw gekleurd. Dit blauw loop door tot onder de snavel. Op de scheiding van mantel en nek bevindt zich een gele band. De rug is donkergroen gekleurd en de stuit blauwgroen. De borst is donkergroen, de buik geel en de onderbuik lichtgroen. De kleur van de bovenste vleugeldekveren is groen. De vleugelbocht en de vleugelranden zijn blauw van kleur. De bovenstaartdekveren zijn donker groenachtig blauw en de staart is aan de onderzijde blauw. De snavel is hoornkleurig, de ogen donkerbruin, de poten grijs en de nagels zwart. Binnen de soort komen veel kleurvariaties voor. In het algemeen is de pop kleiner dan de man. Een goede manier om de seksen te onderscheiden is de grootte van de kop en de snavel. De snavel is bij de man vaak duidelijk breder en groter. Ook is de kop van de man meestal groter als die van de pop. Vaak hebben poppen een zogenaamde ‘wingstripe’, een witte vleugelstreep aan de onderzijde van de slagpennen. Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat ook sommige jonge mannen deze ‘wingstripe’ laten zien. Bij de jonge mannen verdwijnt de ‘wingstripe’ echter na de eerste volledige rui, terwijl deze bij de poppen blijft bestaan.Jongen: Jonge Port Lincolnparkieten lijken op de ouders, echter het zwart aan de kop is meer bruin-zwart. Ook zijn ze de eerste maanden duidelijk kleiner dan de ouders. Na ca. 1 jaar zijn ze op volle kleur.

Bleke Port Lincolnparkiet - Barnardius z.occidentalis

Formaat: 31 - 32 cm.

De bleke Port Lincolnparkiet is duidelijk kleiner dan de nominaatvorm. Zoals zijn naam al doet vermoeden bezit hij veel blekere kleuren dan de Port Lincolnparkiet. De kop is in plaats van zwart meer bleek grijszwart van kleur. Binnen de soort komen veel kleurvariaties voor. Voor het overige is de bleke Port Lincoln gelijk aan de Port Lincolnparkiet.

Verspreidings- en leefgebied

Port Lincolnparkiet

De Port Lincolnparkiet heeft zijn verspreidingsgebied van het oosten van Zuid Australië en het zuidelijk deel van Noord Australië tot de westkust van Australië. In het noordelijk verspreidingsgebied verplaatsen de vogels zich regelmatig. Deze trek wordt beïnvloed door de regenval in het gebied. Regenval betekent namelijk groei en bloei van planten en dus de beschikbaarheid van voedsel voor de vogels.

Bleke Port Lincolnparkiet

De bleke Port Lincolnparkiet komt alleen voor in West-Australië. Hij is hier te vinden vanaf de Fortescue rivier en het Hammersley gebergte in zuidelijke richting tot aan de Murchison rivier.

Port Lincolnparkieten zijn in staat gebleken zich gemakkelijk aan te passen aan hun leefgebied. Dit heeft er dan ook toe bijgedragen dat ze zich verspreid hebben over een derde van Australië. Naast de dichte bossen langs de kust komen ze vooral voor in een vegetatie van  mulga, mallee en grasvlakten met open bebossing. Mulga is het Australische woord voor een vegetatie van ondoordringbaar struikgewas. Dit struikgewas wordt veelal gedomineerd door één van de ongeveer 600 soorten acaciabomen. De flora in Australië bestaat voor ongeveer 30% uit mulga. Dit mulga landschap gaat over in een vegetatie dat malleewordt genoemd. Mallee is het Australische woord voor een vegetatie van een hoger en minder dicht type struikgewas dat bestaat uit dwergachtige eucalyptus – struiken. Dit mallee landschap is in Australië rijkelijk vertegenwoordigt en beslaat ongeveer 7% van het totale oppervlak van Australië. De mallee gaat op zijn beurt over in een vegetatie van grasvlakten met open bebossing van hogere eucalyptusbomen. Deze open beboste savannen zijn zo talrijk In Australië dat ze maar liefst 25% van het totale oppervlak van Australië beslaan.

Gedrag

De Port Lincolnparkiet (en zijn ondersoorten) zijn in het broedseizoen vrij vechtlustig en is het noodzakelijk dat ze paarsgewijs in aparte volières gehouden worden. In de naast gelegen volière(s) dienen geen verwante soortgenoten te worden gehouden. Het zijn in het algemeen sterke vogels die ons klimaat prima verdragen. Ze kunnen in de volière een enorme knaaglust aan de dag leggen. Zorg daarom steeds voor voldoende verse fruit- en wilgentaken in de volière. Bij het samenstellen van paren kunnen het beste jonge vogels bij elkaar geplaatst worden omdat jonge vogels in het algemeen veel verdraagzamer tegenover elkaar zijn dan oude vogels. Op jonge leeftijd samengestelde paren leveren dan ook, wanneer ze geslachtsrijp zijn, vaak weinig problemen op.

Broedproces in het wild

In het zuiden broeden de verschillende (onder)soorten van augustus tot december. In het binnenland en in het noorden broeden de vogels afhankelijk van de regenval. Tijdens het broedseizoen zijn de vogels extreem lawaaierig vooral in de nabijheid van het gekozen nest. De vogels broeden in de holten van boomtakken en boomstammen van zowel dode als levende bomen. Meestal wordt gebroed in eucalyptusbomen. De hoogte van de nestholten varieert van 2,5 meter tot 14 meter boven de grond. Tijdens de paartijd, die zo rond augustus begint, zijn de vogels over het algemeen erg luidruchtig en opgewonden. De man zit dan voortdurend met een van opwinding gespreide staart achter de pop aan. Vaak maakt hij sprongen op de grond en of op een tak gevolgd door snelle buigingen met de kop. Na dit ritueel voert hij dan vaak de pop uit de krop. De pop legt 4 tot 8 eieren, meestal echter 5 tot 6 witte eieren, die om de dag gelegd worden. De eitjes worden alleen door de pop bebroed. De broedduur is 19 dagen. De jongen zijn bij de geboorte voorzien van dons. Ze vliegen na ca. 35 dagen uit en worden, alvorens ze zelfstandig zijn, nog 3 weken door de ouders (bij)gevoerd. Na het uitvliegen van de jongen blijven de oudervogels en de jongen nog meerdere maanden bij elkaar. Jonge vogels lijken op de ouders maar zijn in het geheel duidelijk fletser van kleur. Op een leeftijd van 12 – 16 maanden zijn de jongen vol op kleur. In het algemeen zijn ze dan na 2 jaar geslachtsrijp.

Broedproces in de volière

Hoewel jonge vogels vaak al op een leeftijd van 1 jaar geslachtsrijp zijn worden de beste broedresultaten verkregen met broedstellen die 2 jaar of ouder zijn. In het algemeen geeft paarvorming bij jonge vogels geen problemen. Bij overjarige vogels heel vaak wel. Het is dan bijna altijd de man die de pop aanvalt. Bij het koppelen van oudere vogels dient hier dan ook rekening mee gehouden te worden. Ook goede kweekkoppels kunnen tijdens het broedseizoen behoorlijk ruzie maken. Vooral als één van beide vogels nog niet in juiste broedconditie verkeerd. Het kan er soms zo erg aan toe gaan dat één van beide vogels een nagel of gedeelte van de teen verspeeld. De balts van de man is schitterend om te zien. Deze bestaat uit het met gespreide staart en opgetrokken schouders, kopschuddend over de zitstok lopen. Als nestgelegenheid kan een nestblok verstrekt worden met een afmeting van 70 cm hoog, een bodemoppervlak van 20 x 20 cm. en een invlieggat van Æ 8 cm. Het is verstandig meerdere nestblokken te verstrekken zodat de vogels zelf hun keuze kunnen maken. Als nestmateriaal kan gebruik worden gemaakt van vermolmd en rottend hout, houtspaanders en of zaagsel welke vermengd wordt met potgrond of turf. De nestblokken kunnen begin maart in de volière worden opgehangen.De pop legt 4 tot 7 eitjes die om de dag worden gelegd. De eitjes worden alleen door de pop bebroed. De pop zit vrij vast op het nest en is over het algemeen niet vlug uit het blok te verjagen. Tijdens het broeden komt de man regelmatig in of voor het broedblok om haar te voeren. Het eerste jong wordt na 20 – 21 dagen geboren. In de eerste week worden de jongen alleen door de pop gevoerd, daarna helpt ook de man bij het voeren van de jongen. De vogels laten over het algemeen nestcontroles gemakkelijk toe. Toch is het verstandig nestcontroles altijd zeer voorzichtig uit te voeren en alleen dan wanneer de vogels van het nest af zijn. De jongen moeten op een leeftijd van ca. 8 dagen worden geringd met ringmaat 6 mm. (Twenty-eight 6,5 mm.) Na ca. 10 dagen zijn bij de jongen de staart- en vleugelpennen zichtbaar en na 20 dagen zitten ze voor ongeveer 75% in de veren. Het eerste jong vliegt veelal na ongeveer 35 dagen uit. Drie tot vier weken nadat de jongen zijn uitgevlogen zijn ze zelfstandig en kunnen ze bij de ouders vandaan gehaald worden. Vooral als de vogels met een tweede legsel beginnen is het zaak de jongen uit te vangen omdat de man dan zeer agressief kan reageren richting jongen.

Mutaties

Bij de Port Lincolnparkiet kennen we inmiddels de volgende mutaties.

  • Blauw                    - vererft autosomaal recessief

  • Donkerfactor          - vererft autosomaal dominant

  • Bont                      - vererft autosomaal dominant.

A. van Kooten

Verwante links

Barnardparkiet
Cloncurryparkiet
Twenty-eightparkiet

 

Op zoek naar goede betaalbare boek(en) over parkieten?

De Rosella's - A. van Kooten

Praktische tips en adviezen over huisvesting en het bouwen van een volière en gedegen informatie over waar u op moet letten bij aanschaf, maar ook over de voeding en de verzorging kunt u terugvinden in ‘de Rosella’s”.
Heel interessant om te lezen zijn de onderwerpen ‘gedrag’ en ‘rosella’s in de vrije natuur’.
Voor mensen die deze kleurrijke vogels willen kweken is dit boek een echte aanrader. Op heldere en duidelijke wijze wordt uitleg gegeven over het broedproces van de verschillende soorten en de voorkomende kleurmutaties.

150 x 210 mm

64 blz

€ 7,95 (excl.verzendkosten)

Inclusief verzendkosten Nederland 9.70     Belgie 10.50

Boek bestellen?

 KLIK HIER

 

De Australische parkieten 1 - A. van Kooten

In deel I van de Australische parkieten is ingegaan op de aspecten van de aanschaf, huisvesting, het menu en het kweken van de verschillende soorten.
Voor elke beginner, maar ook liefhebber is het belangrijk en nuttig zich te verdiepen in de levenswijze en broedgewoonten van de betreffende soort(en) in de vrije natuur en in de volière. De foto’s tonen voorbeelden en laten de geweldig mooie kleurenpracht van deze vogels zien.
Het doel van dit boek is om u te helpen bij alle aspecten van de verzorging en het houden van Australische parkieten. In de serie Over Dieren boeken zijn over de grasparkiet, de rosella’s en de valkparkiet, reeds aparte uitgaven verschenen. Ook zal er nog een aparte uitgave verschijnen over de Neophema’s. Deze Australische soorten worden daarom in deze uitgave niet behandeld.

150 x 210 mm

64 blz

€ 7,95 (excl.verzendkosten)

Inclusief verzendkosten Nederland 9.70     Belgie 10.50

Boek bestellen?

 KLIK HIER

 

De Australische parkieten 2 - A. van Kooten

In deel II van de Australische parkieten worden de soorten omschreven en per soort het uiterlijk, de herkomst, het broedproces in de vrije natuur en in gevangenschap en de mutaties.
Voor elke beginner, maar ook liefhebber is het belangrijk en nuttig zich te verdiepen in de specifieke raspunten van de uitgezochte vogel(s). Een uitgebreide tabel geeft een uitstekend overzicht. Op de foto’s komen de verschillende rassen goed tot hun recht.
Het doel van dit boek is om u te helpen bij alle aspecten van de verzorging en het houden van Australische parkieten. In de serie Over Dieren boeken zijn over de grasparkiet, de rosella’s en de valkparkiet, reeds aparte uitgaven verschenen. Ook zal er nog een aparte uitgave verschijnen over de Neophema’s. Deze Australische soorten worden daarom in deze uitgave niet behandeld.

150 x 210 mm

64 blz

€ 7,95 (excl.verzendkosten)

Inclusief verzendkosten Nederland 9.70     Belgie 10.50

Boek bestellen?

 KLIK HIER

 

Kweken met valkparkieten - A. van Kooten

Zeer duidelijk geschreven boek waarin alle benodigde informatie voor het kweken met valkparkieten aan bod komt. Ruime aandacht voor onderwerpen als huisvesting, voeding en gezondheid. Rode draad door het boek heen is het voortdurend stilstaan bij de juiste en verantwoorde dagelijkse verzorging, dat leidt tot de beste resultaten en het welzijn van de vogels.
Valkparkieten, die oorspronkelijk uit Australië komen, kunnen wel 20 jaar oud worden. De algemene geschiedenis van deze vogel en de mooie foto’s maken dit boek aantrekkelijk om te lezen. De auteur geeft deskundige adviezen en tips waar men op moet letten bij de aanschaf en hoe het kweekproces verloopt. Ook het gedrag en de verschillende kleurmutaties (zoals pastel, cinnamon, albino, witmasker, bont) van de valkparkiet wordt beschreven.

150 x 210 mm

64 blz

€ 7,95 (excl.verzendkosten)

Inclusief verzendkosten Nederland 9.70     Belgie 10.50

Boek bestellen?

 KLIK HIER

Encyclopedie van parkieten en papegaaien uit Afrika en Oceanië

Na een korte uitleg over het verantwoord verzorgen en houden van kromsnavels over de juiste huisvesting en voeding (kromsnavels eten veel zaden), volgt een overzicht van agaporniden, edelparkieten, hangparkieten, kakariki’s, papegaaien en parkieten die in Afrika en Oceanië voorkomen.
De namen zijn net zo mooi als de foto’s: Nyasa agapornis, Malabarenparkiet, Blauwkroontje, Roodvoorhoofdkakariki, Grote Vasapapegaai en Taveuniparkiet.
Er is informatie te vinden over hun herkomst, bijzondere kleuren, huisvesting, voeding, fokadvies, eventuele ondersoorten en lengte en gewicht.

150 x 210 mm

64 blz

€ 7,95 (excl.verzendkosten)

Inclusief verzendkosten Nederland 9.70     Belgie 10.50

Boek bestellen?

 KLIK HIER

Encyclopedie van parkieten en papegaaien uit Australië

Na een korte uitleg over het verantwoord verzorgen en houden van kromsnavels en de beschrijving van verschillende menu’s van de Australische kromsnavels, volgt een overzicht van kaketoes, lori’s, parkieten en rosella’s die in Australië voorkomen.
Enkele vogelsoorten die in deze encyclopedie beschreven zijn:
Grote Geelkuifkaketoe, Roodstaartraafkaketoe, Incakaketoe, Schubbenlori, Australische koningsparkiet, Brownrosella en de Strogele rosella.
Er is informatie te vinden over hun herkomst, bijzondere kleuren, huisvesting, voeding, fokadvies, eventuele ondersoorten en lengte en gewicht.

150 x 210 mm

64 blz

€ 7,95 (excl.verzendkosten)

Inclusief verzendkosten Nederland 9.70     Belgie 10.50

Boek bestellen?

 KLIK HIER

 

Op zoek naar een goed en betaalbaar boek over parkieten en papegaaien?

(39,90 euro + 2,60 verzendkosten)

Bestellen?  Klik op de afbeelding.

Het boek, Papegaaien en parkieten, Handboek en naslag-werk beschrijft vrijwel alle in de avicultuur voorkomende soorten en ondersoorten van de leden van de subfamilie der Psittacinae, kort gezegd kromsnavels of wel papegaaien en parkieten. Dit boek is samengesteld op basis van de allernieuwste inzichten van de taxonomie en kent daardoor enkele zeer verassende elementen: wist u bijvoorbeeld dat de Cacatua goffini niet meer wetenschappelijk erkend wordt en nu Cacatua goffiniana heet?

Dankzij de medewerking van vele experts en liefhebbers
uit binnen- en buitenland hebben de samenstellers een standaardwerk kunnen maken met uitmuntende foto-grafie. Dit boek slaat tevens een brug tussen weten-schappelijke ornithologie (bestuderen en beschrijven van vogels in de vrije wildbaan) en avicultuur (houden van vogels in gevangenschap). De geheel vernieuwde indeling, beschrijvingen van herkomst en leefgebied in combinatie met alle informatie over het verantwoord houden van deze vogels maakt dit boek onmisbaar
voor elke vogelliefhebber.

Klik hier voor voorbeeldpagina's (19) van het Papegaaien en Parkietenboek  (Even geduld - inladen kan even duren)
 

Beschrijvingen van:
232 soorten
242 ondersoorten

 

Foto's van:
302 soorten en ondersoorten
35 mutaties
779 foto's in totaal

 

Disclaimer

HOME

Vertel een vriend over deze site

 

 

 

Copyright © 2005, Adri van Kooten, All Rights Reserved | Webdesign: Adri van Kooten