Deze website wordt u aangeboden door Adri van Kooten, keurmeester gras- en grote parkieten bij de NBvV

Menu

Bij favorieten plaatsen!

Home

Agapornis taranta

 
 

Kooi- en volièrevogels (ca. 300)
Broedconditie en broedproces
Fotogalerijen
Vogelziekten
Medicijnen
Kweekproblemen
Ziekenkooi
Vogeldierenartsen
Voeding
Bouw en inrichting volière
Tips van vogelliefhebbers
Vogels - koude volière
Vogels - warme volière
Downloads Agapornis taranta

Geschiedenis

De Agapornis taranta, genoemd naar de Taranta-bergpas in Ethiopië, werd in 1814 ontdekt en wetenschappelijk beschreven. De taranta werd in 1906 in Europa ingevoerd en 5 jaar later, in 1911, werden de eerste broedresultaten met deze soort behaald. De ondersoort, Agapornis taranta nana, werd ontdekt en beschreven in 1931.

Herkomst en leefmilieu

De Agapornis taranta taranta bewoont de centrale- en oostelijke delen van Ethiopië alsmede de zuidelijke gebieden van Eritrea.Het leefgebied van de Agapornis taranta ligt op een hoogte van 1800 tot 3000 meter. In de uitgestrekte hooglanden bewonen ze open wouden. We vinden ze hier voornamelijk in de drogere gebieden waar loofbomen aanwezig zijn. Op deze hoogten kan het flink koud zijn hetgeen betekend dat ze vrij goed over koude kunnen.

Kleurplaten
Vogelanimaties
Vogelmarkten
Vogelparken
Richtprijzen vogels
Vogelgeluiden
Vogelboeken
Erfelijkheidsleer vogels
Links naar vogelwebsites
Europese cultuurvogels
Papegaai als huisdier - index
Vogelwereld Curaçao
www.papegaaien.net
 
 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Taranta’s kunnen dan ook gerust ‘s winters in de buitenvolière worden gehuisvest. Natuurlijk moeten ze wel kunnen beschikken over een tocht- en regenvrij nachthok. Buiten de broedtijd leven ze in kleine groepen bij elkaar. In het wild bestaat hun voedsel hoofdzakelijk uit zaden, bessen, vijgen en vruchten. Regelmatig bezoeken ze lager gelegen landbouwgronden, hetgeen de inlandse bevolking absoluut niet kan waarderen.                                                  

Beschrijving van de soort

Met zijn 16,5 cm. is de Agapornis taranta de grootste agapornissoort.

Man: De man heeft een kenmerkende rode tekening op het voorhoofd die als een bandje om de ogen uitloopt. Het overige van het lichaam is overwegend groen. De grote vleugelslagpennen en de onderzijde van de vleugels zijn bruinachtig zwart. De vleugelranden vanaf de vleugelbocht zijn blauwzwart. De ondervleugeldekveren zijn zwart. De grote staartveren tonen vanaf de basis een geel en zwarte dwarstekening gevolgd door donker-groene uiteinden. De snavel is diep rood, de ogen bruin en de tenen en poten zijn grijs.

Pop: De pop mist het rood op het voorhoofd en om de ogen. De onderdekveren zijn groen en in de vleugels ontbreekt de blauwzwarte vleugelrand. Voor het overige is de pop gelijk aan de man.Jongen: De jongen lijken op de pop. De ondervleugeldekveren van de jonge mannen zijn zwart, die van de jonge poppen groen. Er zijn jonge mannen die in het nest al rode veertjes op het voorhoofd hebben. De snavel van jonge vogels is geelachtig van kleur met op de bovensnavel een zwarte vlek.

Broedproces in het wild en in gevangenschap

Om met deze vogels te broeden is het belangrijk te weten dat de Agapornis taranta pas in het tweede levensjaar geslachtsrijp is. In hun natuurlijk leefmilieu zonderen de stelletjes zich in de broedtijd af. De taranta nesteld in boomholten. De pop maakt hierin een ondiepe holte die ze bekleedt met stukjes blad, gras en takjes. Uniek, t.o.v. de andere agapornissoorten, is dat de pop voordat zij eieren gaat leggen het overgrote deel van haar borstveren verliest en deze gebruikt voor het bekleden van haar nest. Na het broedseizoen komen de ontbrekende borstveren weer terug. Het popje legt om de dag  3 tot 6 eitjes. De pop broedt de eieren alleen uit. Na ca. 25 dagen komt het eerste jong uit. De jongen blijven daarna nog ca. 7 weken in het nest alvorens ze uitvliegen. Om in gevangenschap te komen tot goede broedresultaten  is het belangrijk, zo niet noodzakelijk, dat de vogels paarsgewijs worden gehouden. Dit kan in een (kleine) volière van 1 m. x 1. m. x 2 m. (lxbxh) of in een grote broedkooi van 100 cm. x 50 cm. x 50 cm. (lxdxh). Als de vogels broedrijp zijn worden soortgenoten en andere  vogels achtervolgd en aangevallen. Taranta’s doen over het algemeen niet aan nestbouw. Het beste kan een flinke laag vochtig turfmolm en of zaagsel in het nestblok worden gedaan. Het nestblok dient een afmeting te hebben van ca. 25 cm. hoog en een bodemoppervlak van 18 x 18 cm. Het invlieggat dient een diameter te hebben van ca. 5 cm. De jongen zijn met witte dons bedekt als ze uit het ei kruipen. Na ca. 8 dagen dienen de jongen geringd te worden met ringen van 4,5 mm. Na ca. 7 weken vliegen de jongen uit om daarna nog geruime tijd door de man te worden (bij)gevoerd.

Voeding in gevangenschap

Als voeding kan een zaadmengsel voor agapornissen en of grote parkieten gegeven worden aangevuld met eivoer, fruit, vijgen en stukjes groenvoer. In de broedperiode kan in melk geweekt brood, wortelen, gekiemde zaden en eivoer gegeven worden. Na twee weken, als de jongen al flink groeien, kunnen naar behoefte zonnebloempitten worden gegeven. Zodra de jongen zelfstandig zijn, dient gestopt te worden met het verstrekken van extra zonnebloempitten.  

Agapornis taranta nana

Herkomst en leefmilieu

Het verspreidingsgebied van de Agapornis taranta nana is Zuidwest Ethiopië.

Man en pop:

Man en pop zijn uiterlijk gelijk aan elkaar. De Agapornis taranta nana heeft kortere vleugels en een smallere snavel dan de Agapornis taranta taranta. 

Broedproces in het wild en in gevangenschap

Zie Agapornis taranta taranta. 

Voeding in gevangenschap

Zie bij agapornis taranta taranta.                

Mutaties:

Bij de Agapornis taranta hebben zich al een aantal mutaties voorgedaan. Zo kennen we inmiddels de donkerfactoren donkergroen en olijfgroen en de fallow- en cinnamon mutatie. Ook zijn er al lutino’s geboren maar helaas waren deze nog zo zwak dat ze na enkele dagen stierven.  

A. van Kooten

Verwante links

Agapornis canus
Agapornis fischerie
Agapornis lilianae
Agapornis nigrigenus
Agapornis personatus
Agapornis pullarius
Agapornis roseicollis
Agapornis swindernianus

 

Op zoek naar een goed en betaalbaar boekje over Agaporniden ?

Bestellen?  Klik op de afbeelding.

Agaporniden

Agaporniden heten ook wel ‘lovebirds’. Er zijn maar liefst 9 soorten van deze Afrikaanse dwergpapegaaitjes die wel 12 jaar oud kunnen worden. Agaporniden zijn heel populair als tentoonstellingsvogels, maar ook als gezelschapsdieren. Ze zijn volledig tam te maken. Vanwege de populariteit worden ze vaak gekweekt, wat heeft geleid tot veel mutaties binnen de soorten. Dit boek is met veel liefde voor deze vogelsoort geschreven. De auteur geeft adviezen en deskundige tips over alles wat er komt kijken bij het houden van agaporniden. Ze zijn liever niet in hun eentje, klimmen graag in een liefst zo groot mogelijke kooi, nemen een paar keer per dag een vogelbad en zijn dol op een stukje fruit of een stukje broccoli.
Praktische aanwijzingen voor huisvesting, samenstelling voeding en dagelijkse verzorging zijn te vinden in ‘de Agaporniden’, evenals beknopte informatie over voorkomende ziektes.
Alle soorten en ondersoorten zijn ook beschreven en zijn afgebeeld op prachtige foto’s. Tenslotte wordt informatie gegeven over verenigingen en instanties die geraadpleegd kunnen worden.
 

Prijs: € 7,95   (Excl. verzendkosten)

 

Bestellen?  Klik op de afbeelding.

 

De roseicollis en zijn mutaties

De roseicollis is een agapornidesoort waarbij de meeste mutaties zijn opgetreden. Er zijn meer dan 300 verschillende combinaties mogelijk! Dit boek bestaat uit twee onderdelen.
Er wordt een eenvoudige verklaring gegeven voor mutanten en voor de gevorderden wordt ingegaan op de genetische kant en de bevedering van de roseicollis en zijn mutaties. Het boek is geïllustreerd met prachtige foto’s. Er is een hoofdstuk gewijd aan de MUTAVI Research & Advies Groep, een internationaal platform dat informatie verzamelt over de verschillende vogelsoorten. Ook wordt vererving uitgelegd, een proces waarbij op drie manieren mutaties kunnen ontstaan, namelijk autosomaal dominant, autosomaal recessief en geslachtsgebonden recessief. Het gedeelte van het boek waarin verschillende mutaties zoals de opaline, de cinnamon, de pallid en rozemasker worden beschreven, levert meer van dit vakjargon op. Roseicollis mutaties zijn afkomstig uit allerlei landen.
 

Prijs: € 7,95   (Excl. verzendkosten)

Bestellen?  Klik op de afbeelding.

 

Kweken met Agaporniden

Duidelijk en overzichtelijk wordt stap voor stap uitleg gegeven aan het hele proces van het kweken met agaporniden. Praktische adviezen over hoe het beste een kweekadministratie kan worden bijgehouden, over het ringen van de jongen, maar ook over nestkasten en nestbouw, vindt u terug in dit boek. De auteur die jarenlange ervaring heeft met het kweken van agaporniden heeft een aantal van zijn eigen ervaringen op een rij gezet voor de lezer.
Uiteraard wordt aandacht besteed aan de juiste voeding, het samenstellen van de kweekparen en voorkomende problemen. Informatie over de genetica, de mutaties en de vederstructuren van de verschillende agaporniden is ook opgenomen. Vele prachtige kleurenfoto’s illustreren dit boek.

Prijs: € 7,95   (Excl. verzendkosten)

Bestellen?  Klik op de afbeelding.

 

Agaporniden - Handboek en naslaggids

Dirk Van den Abeele, expert op gebied van agaporniden, heeft een zeer uitgebreid en prachtig geïllustreerd handboek over agaporniden geschreven. Het is een uniek vogelboek, onmisbaar voor serieuze agapornidenliefhebbers en -kwekers.

Het Agaporniden -Handboek en naslaggids is met circa vijfhonderd kleurenfoto’s een standaardwerk dat in vele talen over de hele wereld uitgebracht zal worden. Voor de foto’s en vertalingen van het boek hebben vogelexperts uit verschillende landen meegewerkt. Er is wereldwijd geen enkel boek dat zo diep ingaat op de overerving en mutaties bij agaporniden als dit boek. Het is verkrijgbaar in Nederlands en Engels.

Prijs: € 39,50   (Excl. verzendkosten)

 

Op zoek naar een goed en betaalbaar boek over parkieten en papegaaien?

(39,90 euro + 2,60 verzendkosten)

Bestellen?  Klik op de afbeelding.

Het boek, Papegaaien en parkieten, Handboek en naslag-werk beschrijft vrijwel alle in de avicultuur voorkomende soorten en ondersoorten van de leden van de subfamilie der Psittacinae, kort gezegd kromsnavels of wel papegaaien en parkieten. Dit boek is samengesteld op basis van de allernieuwste inzichten van de taxonomie en kent daardoor enkele zeer verassende elementen: wist u bijvoorbeeld dat de Cacatua goffini niet meer wetenschappelijk erkend wordt en nu Cacatua goffiniana heet?

Dankzij de medewerking van vele experts en liefhebbers
uit binnen- en buitenland hebben de samenstellers een standaardwerk kunnen maken met uitmuntende foto-grafie. Dit boek slaat tevens een brug tussen weten-schappelijke ornithologie (bestuderen en beschrijven van vogels in de vrije wildbaan) en avicultuur (houden van vogels in gevangenschap). De geheel vernieuwde indeling, beschrijvingen van herkomst en leefgebied in combinatie met alle informatie over het verantwoord houden van deze vogels maakt dit boek onmisbaar
voor elke vogelliefhebber.

Klik hier voor voorbeeldpagina's (19) van het Papegaaien en Parkietenboek  (Even geduld - inladen kan even duren)
 

Beschrijvingen van:
232 soorten
242 ondersoorten

 

Foto's van:
302 soorten en ondersoorten
35 mutaties
779 foto's in totaal

 

Disclaimer

HOME

Vertel een vriend over deze site

 

 

 

Copyright © 2005, Adri van Kooten, All Rights Reserved | Webdesign: Adri van Kooten